Weblog

  • Foreign Registration Office

    donderdag, 20 augustus, 2009

    Het is niet anders, we moeten vandaag verschijnen voor de Police Commisionar, d.w.z. we moeten naar de Foreign Registration Office (FRO) voor onze verblijfsvergunning. Een visum was nodig om het land binnen te komen, maar om langer dan 3 maanden te kunnen blijven heb je een verblijfsvergunning nodig, en die moet je halen binnen 2 weken nadat je het land bent binnengekomen. De hele familie moet mee. We worden begeleid door ‘een agent’ van een speciaal bureau wat door H's bedrijf is ingeschakeld. Hij kent het klappen van de zweep, oftewel hij weet wanneer en hoeveel er onder de tafel doorgeschoven moet worden.  

     

    Onze agent inspecteert eerst alle papieren die we de afgelopen dagen verzameld hebben: o.a. aanvraagformulier, inschrijvingsbewijs van de school, brief van de werkgever, verklaring afdracht loonbelasting, kopieën paspoorten, visa, en niet te vergeten een hele stapel pasfoto’s van allemaal. Alles moet in 4-voud worden gekopieerd.  Ik wacht vervolgens buiten terwijl H samen met onze agent de nodige bureau’s afloopt. De agent doet het woord en H hoeft er alleen onderdanig en beleefd bij te knikken. Op een gegeven moment worden wij er ook bijgeroepen. Blijkbaar willen ze ons even zien, maar de man kijkt amper op en wuift dat we wel weer kunnen gaan.  

     

    Het is een drukte van jewelste bij het de FRO. Veel buitenlanders uiteraard: Arabieren, oost-Aziaten, en ook de nodige blanken. Wij weten in de wachtruimte tegenover de ingang een stoel te bemachtigen en gaan daar maar gewoon rustig zitten wachten, en kijken naar de mooie politie-auto’s die voorbij komen (de statige ouderwetse ‘Ambassadors’), en de politie-agenten in hun indrukwekkende uniformen. Bij de meesten steekt een te dikke buik zo lekker over de riem uit.

     

      

     

    J zegt dat hij moet plassen. Dat moest ik zelf eigenlijk ook maar ik wilde daar liever niet aan toegeven. Afijn, nou hij moet, kan ik er niet meer onderuit. Dan toch maar even vragen of er ergens een toilet is. Ik spreek de bewaker aan en terwijl ik dat doe vraag ik me af of dat eigenlijk wel geoorloofd is.... die man staat er zo officieel bij in zijn uniform, zijn baret met rode pluim, en zijn indrukwekkende geweer mét bajonet. Maar hij antwoordt me heel vriendelijk en zegt: “madam you have to go that other building and then alllllllll the way to the left”. We gaan het andere gebouw in en zien (en ruiken) de toiletten al gauw. Ik zeg tegen de jongens: “niets beetpakken behalve jezelf, en heeeeeel goed je handen wassen met zeep”. Helaas is er geen zeep en de kraan doet het ook niet. Maar geen nood, daarvoor sleep ik immers altijd mijn flesje ‘instant hand sanitizer’ mee. 

     

    We lopen terug door het gebouw en gluren bij de kantoren naar binnen. Er zitten mensen achter bureau’s, sommigen zitten achter een computer. En voor, achter en naast hen liggen staaaaaaaaaapels met papieren. Wat een hoop papier ligt hier opgestapeld. Het meeste papier ziet eruit alsof her daar al heel lang ligt. Nou is het in India wel zo dat alles veel sneller vies, geel en stoffig wordt. Maar dit ligt hier echt al maanden. Zou er iemand nog weten waar al die papieren over gaan?

     

     

    H en de agent komen terug met goed nieuws: ‘we kunnen gaan’ maar ook met slecht nieuws ‘morgen terugkomen’. Gelukkig dan wel zonder kinderen, maar het betekent wel weer een hele ochtend kwijt (anderhalf uur in de auto heen, uur bij de FRO en weer anderhalf uur in de auto terug). Maar goed, voor vandaag hebben we het gehad en morgen zien we wel.